SCHILDKLIERMEDICATIE: NATUURLIJK OF SYNTHETISCH ? T3 SUPPLETIE?

 

Aanvankelijk, sinds 1928, was er alleen een dierlijk schildklierhormoon op de markt. Dit hormoon bevat zowel T4, T3, T2, T1 en T0.

In 1987 werd consensus bereikt om het preparaat te vervangen door een synthetisch middel dat alleen T4 bevat.

Over het algemeen vinden artsen dat chemisch T4 beter gestandaardiseerd kan worden en op exacte wijze kan worden gedoseerd. Zij gaan er bovendien vanuit dat synthetisch T4 in het lichaam voldoende wordt omgezet in het actieve T3 wat lang niet altijd het geval is. 

Synthetische schildklierhormonen zijn bijvoorbeeld Thyrax, Euthyrox, Eltroxin en Levothyroxinun.

 

Deze synthetische schildkliermedicatie is de medicatie die artsen momenteel standaard voorschrijven. Er is echter nooit aangetoond dat deze huidige keuze van medicatie effectiever zou zijn in het behandelen van klachten en symptomen bij schildklierziekten dan een natuurlijk middel.
Evenmin is wetenschappelijk aangetoond dat natuurlijk schildklierhormoon (Thyranon, Thyreoïdum of Armour Thyroid) minder effectief zou zijn dan de synthetische medicatie.

 

 

In 1992 werd er in samenwerking met de Schildklier Stichting en de Wetenschapswinkel voor Geneesmiddelen een studie verricht door de medisch biologe K. Weel van de Rijksuniversiteit Groningen. De studie werd verricht omdat er bij de Wetenschapswinkel en de Schildklier Stichting klachten binnenkwamen van patiënten die na het van de markt halen van Thyranon in 1987 waren overgezet op Thyrax. Thyranon werd van de markt gehaald omdat:

 

Er waren [ dus] een aantal theoretische bezwaren tegen het gebruik van schildklierpoederpreparaten, hoewel er maar weinig klinische studies lijken te zijn die deze theorieën ondersteunen (Larsen et al., 1981). In Nederland werd het voorlopig geregistreerde schildklierpoederpreparaat Thyranon onder andere op basis van deze theoretische bezwaren uit de handel genomen in november 1987. Hierna werden voormalige gebruikers van Thyranon overgezet op synthetische T4-preparaten(m.n. Thyrax). (Weel 1992: 16)

 

De voornaamste conclusies uit het onderzoek (Weel 1992: 71, 72):

 

-          Er is een groep schildklierpatiënten, die tijdens behandeling met een T4-preparaat, waarop zij volgens de geldende maatstaven goed zijn ingesteld, klachten ervaren die lijken op klachten die voorkomen bij een gestoorde schildklierfunctie.

-          In de medische wereld heerst de opvatting dat schildklierpatiënten, die plasmaspiegels van schildklierhormonen hebben die binnen de normale range liggen, geen verschijnselen van een gestoorde schildklierfunctie kunnen hebben.

-          Uit de bovenstaande conclusies volgt dat de betreffende patiënten en artsen verschillend tegen de gemelde klachten aankijken, wat kan leiden tot een verstoorde relatie tussen arts en patiënt.

-          Op basis van de informatie, die is verkregen uit het literatuuronderzoek, is gebleken dat de kans bestaat dat plasmaspiegels van schildklierhormonen T4 en TSH niet in alle gevallen een goede maat zijn voor de schildklieractiviteit in het hele lichaam, zoals tot nu toe door de medische wereld werd verondersteld. Uit de literatuur komt de hypothese naar voren, dat klachten bij de behandeling van hypothyreoïdie mogelijk worden veroorzaakt doordat sommige organen te veel, en andere organen te weinig T4 opnemen of omzetten in T3.

-          Bij een aantal schildklierpatiënten, die klachten ervaren bij een schijnbaar juiste instelling op een T4-preparaat, blijken klachten te verminderen, wanneer zij in plaats van een T4-preparaat een schildklierpoederpreparaat gaan gebruiken.

 

 

Artsen bevestigen in hun publicaties de superioriteit van behandeling met natuurlijke schildkliermedicatie.

 

Dr. Arem, vooraanstaand Amerikaans schildklierspecialist en auteur van The Thyroid Solution schrijft dat de overzetting van patiënten indertijd van natuurlijk T4/T3 naar synthetisch T4 leidde tot klachten van patiënten over traagheid, verminderd geheugen en concentratie en tal van symptomen van niet welbevinden:

 

Once switched from these natural T4/T3 tablets to T4 tablets, patients complained of sluggishness, decreased memory, impaired concentration, and a host of symptoms of ill-being. This was in spite of having reached normal blood levels of thyroid hormone and TSH. In fact, seldom was I able to convince a patient to remain on levothyroxine; they all wanted to go back on the old pill. (Arem 1999:284)

 

Dr. Durrant-Peatfield, auteur van The Great Thyroid Scandal and How to Survive it en 40 jaar ervaring met de behandeling van schildklierpatiënten schrijft dat door de toenemende desillusie met thyroxine natuurlijk schildklierhormoon zowel bij patiënten als artsen steeds populairder wordt. Het is werkzamer dan synthetisch T4 en volgens hem is de vermeende wisselende potentie uit de lucht gegrepen en nimmer aangetoond. Bovendien, de dagelijkse systeembehoeften variëren en dus is een precieze dosis niet noodzakelijk.

 

Following increasing disenchantment with thyroxine, natural thyroid is becoming more popular with patient and some doctors alike. The disenchantment with thyroxine springs from its varying potency from manufacturer to manufacturer, and similar problems occur with synthroid, the American synthetic product. Although natural thyroid is widely held to be of variable potency by its critics, this is simply not true and no trials have ever supported this view; and it has greater efficacy over synthetic T4. (It may be pointed out that the system’s daily requirements vary dynamically and a precise dose is not actually necessary.) The patient soon learns what dos most suits and in general may be allowed to find their own level.

The natural product is a combination of T4, T3, T2 and T1, and very close indeed, and in the same proportion, to human thyroid; with very few exceptions, is much preferred by patients. (Durrant-Peatfield 2002:181)

 

Dr. Linschoten schrijft in Hypothyreoïdie opnieuw bezien:

Het is plausibel dat behandeling met dierlijk (biologisch) schildklier betere resultaten geeft. Tenslotte bevat het meer hormonen dan alleen T4. De omzetting van T4 in T3 hapert vaak als gevolg van een gebrek aan enzymen en mineralen die dit moeten bewerkstelligen. Ook is de mogelijk minder goede standaardisering een slecht argument, omdat de opname van geneesmiddelen in het algemeen sterk individueel is en van talrijke factoren afhangt.

In october 2002 begon ik met het voorschrijven van Thyreoïdum, onder meer aan patiënten die klachten behielden ondanks gebruik van T4 (Thyrax); met zeer gunstige resultaten.

(de volledige tektst van ‘Hypothyreoïdie opnieuw bezien’ vindt u op deze site bij ‘Visies op hypothyreoïdie’)

 

Basier, Hertoghe en Eekhaut beschrijven in Thyroid insufficiency. Is Thyroxine the only valuable drug? hun negatieve ervaringen in de zeventiger jaren met het overzetten van Thyranon en Novothyral naar een synthetisch T4 preparaat. Al sluiten zij niet uit dat er patiënten zijn die kunnen volstaan met alleen T4, wat het geval is als er geen omzettingsproblemen zijn van het inactieve T4 naar het actieve T3.

 

Having prescribed for many years a natural thyroid hormone (Thyranon), containing both T3 and T4, as well as a combined T3 + T4 drug (Novothyral), we had the opportynity in 1974 to prescribe a new T4-only drug (Euthyrox, commercially available in Belgium since August 1978). After less than six months, we ascertained the inability of this new T4 alone drug to produce clinically the same results as the previously used combined drugs.

This study does not preclude the possibility that T4 can cure certain patients with hypothyroidism. Indeed, patients who are able to convert the inactive prohormone T4 into the active hormone T3 by liver- and kidney-produced 5’-deiodase can be cured by T4 alone.

Hertoghe, Eekhaut, (J Nutr Envir Med 2001;11, 159-166) Thyroid insuffiency. Is Thyroxine the only valuable drug?

 

 

T3-SUPPLETIE

 

Tot in de jaren zeventig werd hypothyreoïdie behandeld met schildklierhormoonpoeder Vanaf begin jaren vijftig was er ook synthetisch T4 beschikbaar. Dit was niet direct eerste keus therapie. Pas nadat aangetoond was dat de grootste bron van T3 omzetting uit T4 is en dat T4 een veel langere halfwaardetijd heeft dan T3, stapte men over van schildklierpoeder naar T4. Maar het is maar de vraag of die omzetting van T4 naar T3 bij iedere patiënt plaatsvindt. Persisterende klachten bij normaal TSH kunnen wijzen op een omzettingsprobleem. De TSH is in feedback met T4 en niet zozeer met T3, terwijl het welbevinden van de patiënt afhankelijk is van het vrije T3 dat beschikbaar is in de cellen.

 

The explanation is that TSH is grossly in feedback with serum T4 only, not so much with serum T3, while the patient’s wellbeing depends on the free T3 that is disposable inside the cells. As hypothyroid patients are usually unable to convert inactive T4 into active T3, owing to a lack of 5’-deiodinase in the liver and kidneys, the administration of T4 can eventually correct the serum TSH level, but rarely provides the patient with the T3 needed to be relieved of his symptoms.

(Hertoghe, Eekhaut, (J Nutr Envir Med 2000;10, 105-113) Thyroid insuffiency. Is TSH the only diagnostic Tool?

 

Aanvullende T3-medicatie in de vorm van het synthetische T3 Cytomel of een combinatie met of geheel overstappen op een natuurlijk hormoon (dat altijd zowel T4 als T3 bevat) is noodzakelijk indien zich omzettingsproblemen voordoen.

 

Dr. Podell: “Many holistic, integrative and complementary alternative medicine physicians believe that many people are effectively hypothyroid (thyroid deficiënt) because they are unable to make the main active hormone – which is not T4 but the form found in Cytomel and Armour Thyroid, that is, T3.

If the cell has a decreased ability to convert T4 into T3, cellular metabolism could be too low i.e. hypothyroid for lack of T3 – despite the standard blood thyroid hormone tests being normal. If the cells have trouble converting T4 to T3 then natural hypothyroid therapies have to supply the needed T3, most often by treating with Cytomel or Armour Thyroid.”

 

Dierstudies wijzen uit dat T4/T3 behandeling een betere optie is dan T4 behandeling.

Escobar-Morreale et al. (1995) onderzochten T4 en T3 spiegels in bloed en verschillende organen bij hypothyreote ratten die verschillende doses T4 kregen. Geen enkele dosis T4 slaagde erin tegelijkertijd in alle weefsel normale T4 en T3 spiegels te krijgen.

Een tweede studie in 1996 toonde aan dat dit met één specifieke verhouding en totale dosis T4/T3 wel lukte. Zowel in bloed als weefsels waren TSH, FT4 en Ft3 waardes normaal.

 

Een artikel in het New England Journal of Medicine, bolwerk van de reguliere traditionele geneeskunde, van 11 februari 1999 bevestigt de gunstige werking van T3-suppletie. Met name voor wat betreft het geestelijk functioneren. De combinatietherapie van T4/T3 verbeterde de kwaliteit van leven van de meeste patiënten.

 

Where the results were dramatic were in mental functioning. Patients performed better on a variety of standard neuropsychological tasks on the T4 plus T3. Patients’ psychological state also showed improvement on T4 plus T3.

The researchers determined that “treatment with thyroxine plus triiodothyronine improved the quality of life for most patients.

(Effects of Thyroxine as compared with Thyroxine plus Triiodothyronine in Patients with Hypothyroidism, by Robertas Bunevicius, Gintautas Kazanavicius, Rimas Zalinkevicius, Arthur J. Prange)

 

De resultaten van een enquête van Hypomaarniethappy waarin een antwoord werd gezocht op de vraag of een combinatiebehandeling van T4 en T3 hypothyreoïdie-klachten beter vermindert dan een behandeling met alleen T4 pleiten ondubbelzinnig voor T3-gebruik. 90 % van de respondenten merkt een duidelijk positief effect van T3. Er was voor de enquete een lijst van 22 klachten opgesteld. Alle klachten verminderen als wordt overgestapt van T4 naar T4/T3-medicatie.

(Het volledige onderzoeksverslag is na te lezen op de site van HmnH)

 

Dr. Arem (The Thyroid Solution) beschouwt de gecombineerde T4/T3-behandeling als de beste behandeling voor schildklierpatiënten. Hij is een voorstander van het overzetten van dierlijke naar synthetische hormonen, maar dan dient er indien nodig wel T3-suppletie plaats te hebben. Door patiënten alleen T4 te geven om de TSH te normaliseren missen sommigen nog steeds een kleine hoeveelheid T3, die normaal door de schildklier gemaakt wordt. Volgens Arem heeft de gemiddelde persoon 10 mcg synthetisch T3 nodig, patiënten die aanvakelijk meer dan 175 mcg T4 nodig hadden dienen deze dosis bij aanhoudende symptomen te verhogen naar 5 mcg driemaal daags. (Voor een Nederlandse vertaling van gedeeltes uit The Thyroid Solution zie de site van HypomaarnietHappy onder T3)

 

Volgens Dr. Durrant-Peatfield kan T4 bij eenvoudige, ongecompliceerde, vroege en niet te ernstige hypothyroïdie-patiënten prima werken, maar het is niet hoe schildklierhormoon natuurlijk wordt gevormd. Als geen natuurlijk schildklierpoederpreparaat wordt gebruikt, dan moet T4 tenminste worden gecombineerd met T3.

 

Thyroxine has a half-life of 8 days and Works fairly well for the more simple, uncomplicated, early, not too severe, hypothyroid patient. But note should be made that this is not how hormone is naturally produced. There is a body of opinion, sympathetically supported by the writer, that if natural thyroid is not to be used, then at least T4 should be combined with T3 for a more satisfactory and more logical replacement.

(Durrant-Peatfield “Suggestions for an Approach to the Management of Thyroid Deficiency)

 

Het gebruik van T3 is standaard in de praktijk van Dr. Blanchard sinds 1990. Toevoeging van T3 vermindert de klachten die vele patiënten houden als zij alleen T4 slikken.

 

The standard medical view is that T3 is unnecessary because T4 is converted to T3 in the body. But many patient taking the standard 100% T4 hormone report chronic fatigue, depression, menstrual abnormalities, fibromyalgia, irritable bowel syndrome, restless legs and other complaints, and these complaints are almost always better when some T3 is added…….The use of T3 has been standard in my practice since 1990 (Dr. Blanchard: Hypothyroidism at Midlife)

 

Rack en Makela bevelen T3 aan bij depressie bij hypothyroïdie als behandeling met alleen T4 niet volstaat:

 

In hypthyroid patients, depression may be more responsive to a replacement regiment hat includes T3 rather than T4 alone. Therefore, inclusion of T3 in the treatment regimen may be warranted after adequate trial with T4 alone.

(Rack, Makela, Hypothyroidism and Depression: A therapeutic Challenge.

Ann Pharmacother 2000, Oct; 34(10): 1142-5)

 

 

ER IS MEER DAN ALLEEN SYNTHETISCH T4

 

Waar het om gaat is dat de patiënt een keuze moet kunnen hebben en die medicatie moet kunnen krijgen die voor hem of haar de beste uitwerking heeft, hetzij alleen T4, hetzij synthetisch T4 en T3, hetzij een natuurlijk schildklierpreparaat, hetzij een mix van een natuurlijk schildklierpreparaat met T4. Niet iedereen is gelijk. Geen enkel onderzoek zal ooit 100% in één bepaalde richting wijzen volgens Dr. Shames, auteur van Thyroid Power.

 

It doesn’t matter if 100, or 1000 studies show that most people do better with thyroxine alone. There are always some people in any of those studies that did better on thyroxine with T3 added. There are some people who do better on T3 alone. There are some who do better on Armour Thyroid alone. There are some who do better with a mix of Armour and thyroxine.

None of the studies of these questions will ever be 100% in any one direction. People are just too different. Nothing is black and white.

 

Als niets zwart en wit is, waarom is het voorschrijven van synthetisch T4 dan de standaardbehandeling bij hypothyreoïdie-patiënten, terwijl bij bijvoorbeeld depressie er een groot scala aan medicijnen wordt ingezet?

 

Dr. Lowe wijst op de rol van de farmaceutische industrie. Het T4-mandaat mist een wetenschappelijke basis, maar is volgens hem een gevolg van de marketingcampagnes van de farmaceutische industrie.

 

….this [T4 only] mandate is not scientifially based. Instead, it’s based on a powerful marketing campaign of a major pharmaceutical company……..As a result, they [conventional endocrinologists and other doctors] ‘ve deprived themselves of clinical experience with any thyroid preparation other than T4.

 

Gelukkig begint er twijfel te ontstaan bij endocrinologen. In zijn inaugurale rede in januari 2008 sprak Dr. Smit, één van de leden van de Medisch-wetenschappelijke Adviesraad van de Schildklierstichting, zijn onbehagen uit over het feit dat patiënten die genezen waren van verschillende endocriene aandoeningen in onderzoeken allen aangaven dat hun kwaliteit van leven sterk verminderd was. Als bronnen van onbehagen noemde hij:

 

- het niet kunnen meten van hormonen en hormoonwerking op weefselniveau

(een goed bloedwaarde van hormonen zegt nog niet alles over de werking van die hormonen in de weefsels)

 

- de tekortkomingen in de substitutie van hormonen

(de medicijnen nemen de ergste klachten weg of zijn zelfs levensreddend maar ze kunnen de werking van de eigen hormoonklier niet perfect nabootsen. Daarnaast wil de farmaceutische industrie geen onderzoek doen naar betere medicijnen. De wintsmarge is te klein om nieuwe medicijnen te ontwikkelen waarvan nog niet zeker is of die werkelijk voor een betere behandeling zorgen)

 

- onvolkomenheden in behandelmethoden en -strategieën

(de behandeling is op de symptomen gericht maar pakt de oorzaak niet aan)